Niet alle planten staan even stevig op eigen benen. Hoge soorten als Phlox, Helenium, Eupatorium en riddersporen kunnen wel wat steun gebruiken, en datzelfde geldt voor opgaande eenjarigen als cosmea’s. Ook planten met zware bloemschermen, zoals herfstbloeiende Sedum, hebben soms wat extra houvast nodig. Planten steunen kan met verschillende materialen:

Vertakt snoeihout (rijshout)
Als je wat snoeihout hebt bewaard, komt dat nu goed van pas. Steek wat rijshout rondom de plant in de grond en knik de toppen van de takken naar binnen, zodat ze de pol extra houvast geven.

Wijdmazig gaas of netten 
Span dit tussen bamboestokken horizontaal over de planten heen, zodat de stengels (op de foto Dictamnus) er doorheen kunnen groeien.

Bamboestokken 
Prima voor soorten met zware bloemtrossen, zoals riddersporen. Bind stengels individueel aan met zacht tuintouw en laat de stok net onder de bloemtros eindigen.

Draadsteunen 
Boogjes en koppelbare steunstokken zijn snel aan te brengen als een plant toch nog dreigt om te vallen.

Zet de schaar er in! 
Je kunt het omvallen van borderplanten ook tegengaan door terugknippen. Deze truc kun je toepassen bij hoge borderplanten die vanaf juli bloeien, omdat die pas na de langste dag (21 juni) hun knoppen aanleggen. Als je ze ruim vóór die datum terugknipt, vormen ze eerst zijscheuten en daarna pas bloemknoppen. De plant blijft hierdoor lager, zodat hij minder snel omvalt. Wel verschijnen de bloemen iets later dan normaal, maar omdat de plant zich beter vertakt bloeit hij vaak ook rijker.

Terugknippen
Het terugknippen is heel eenvoudig. Kort de stengels van een pol met een derde tot de helft in. Je kunt ook de helft van de stengels terugknippen (om en om), waardoor de bloei gespreid wordt en langer duurt. Terugknippen doe je tussen half mei en begin juni; hoe later je terugknipt, hoe later de plant bloeit. Geschikte planten zijn onder meer herfstasters, Helenium, Monarda, Phlox, Solidago en Veronicastrum.