Een appel- of perenboom in je tuin? Een fruitboom planten kan vanaf november, als het blad van de boom is.

Kies een dag uit waarop het niet vriest en zet op ongeveer 10 cm afstand een boompaal in de grond die je met een ruime lus aan de stam van de boom vastmaakt.

Boompaal
Het is beter om eerst de boompaal en daarna pas de boom te planten, zet de paal bij voorkeur aan de windzijde. Laat de wortelkluit zich eerst goed volzuigen met water voordat je je boompje plant.

Meststof
Strooi aan het begin van de lente een universele meststof rondom de voet van de boom en volg hierbij de aanwijzingen op de verpakking. Geef niet te veel mest want overbemesting maakt de boom gevoeliger voor ziekten.

Onkruidvrij
Het is belangrijk dat de boomspiegel van fruitbomen onkruidvrij blijft. Wied dus in een wijde cirkel rondom de stam het onkruid weg en breng een mulchlaag aan om de onkruidgroei te onderdrukken. Zorg er wel voor dat de mulchlaag de stam niet raakt om beschadiging van de boomschors te voorkomen. Bedek de grond bijvoorbeeld met rijpe compost, dit zorgt er ook nog voor dat de grond niet zo snel uitdroogt.

Water
Geef de bomen extra water in de periode vlak na aanplant, in droge periodes en vanaf het moment dat de vruchten gaan groeien. Grote fruitbomen die er al lange tijd staan, kunnen zichzelf wel redden maar jonge boompjes zijn blij met wat extra water in droge periodes.

Takken leiden
De beste opbrengst krijg je aan takken die horizontaal groeien. Leid de takken aan het eind van de zomer wat naar beneden door gewichtjes aan de takken te hangen of bind een touwtje aan de takken en zet ze met een tentharing in de grond vast. Na een paar weken verwijder je dit weer en groeien de takken in de juiste richting.

Lees hier meer over het kweken van appels en peren!

Ook handig: Waar je op moet letten bij het kopen van een fruitboom.